Please use this identifier to cite or link to this item: http://hdl.handle.net/1942/1039
Full metadata record
DC FieldValueLanguage
dc.contributor.authorCOENEN, Karolien-
dc.date.accessioned2006-11-28T15:46:30Z-
dc.date.available2006-11-28T15:46:30Z-
dc.date.issued2006-
dc.identifier.urihttp://hdl.handle.net/1942/1039-
dc.description.abstractSinds 1 juli 2003 is de energiemarkt in Vlaanderen volledig vrijgemaakt. Vanaf die dag kunnen zowel particulieren als bedrijven en overheden zelf kiezen welke energieleverancier zij wensen. De vrijmaking bracht veel verwachtingen en beloftes met zich mee. In deze eindverhandeling wordt er in de eerste plaats op zoek gegaan naar redenen waarom particulieren in de provincie Limburg na de vrijmaking beslisten om te veranderen van energieleverancier. In de tweede plaats wordt er een mogelijk profiel van de switchers en niet-switchers in Limburg opgesteld. In het tweede hoofdstuk van deze eindverhandeling wordt in de literatuur gezocht naar oorzaken van switchgedrag in de dienstensector. Uit deze zoektocht komt de studie van Keaveney uit 1995 als meest toonaangevend naar boven. In haar onderzoek worden acht categorieën van oorzaken gegeven die later in het praktijkonderzoek van deze eindverhandeling gebruikt worden. Vanuit economisch standpunt zijn er echter heel wat gevolgen van switchgedrag voor bedrijven. Het behelst hier vooral kosten verbonden aan switchgedrag. Wat bedrijven aan dit gedrag in de toekomst kunnen doen, wordt in het kort besproken. Aan het onderzoek van de VREG wordt de nodige aandacht besteed in hoofdstuk drie. De VREG heeft eind 2005 een onderzoek gedaan naar het gedrag van de particulieren in Vlaanderen. De oorzaken voor switchgedrag die in het onderzoek van de VREG naar boven komen, sluiten niet meteen aan bij de acht categorieën van de studie van Keaveney uit 1995. De verschillen en gelijkenissen tussen beide onderzoeken worden in kaart gebracht aan het einde van dit hoofdstuk. Alvorens er een praktijkonderzoek gevoerd kan worden, is er een woordje uitleg nodig bij de werking van de gas- en elektriciteitsmarkt. In de eerste plaats wordt er aandacht besteed aan de situatie op de energiemarkt vóór de liberalisering, daarna volgt de overstap naar de huidige situatie. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen de energiemarkten in Vlaanderen, Wallonië en Brussel vóór de liberalisering, omdat er toen geen verschillen waren in marktwerking. Ná de liberalisering is dit wel het geval en wordt eerst de situatie in Vlaanderen en later de situatie in Wallonië en Brussel besproken. Van de verschillende spelers op de energiemarkt in Vlaanderen wordt er een voorstelling en een taakomschrijving gegeven. Tot slot wordt in hoofdstuk vijf het praktijkonderzoek besproken. Aan de hand van een enquêteonderzoek bij Limburgse gezinnen wordt er nagegaan of de theorie overeenkomt met praktijk. De verwachte relaties zijn gebaseerd op het onderzoek van Keavaney uit 1995 en het onderzoek van de VREG in 2005. Deze verwachte relaties worden onderzocht bij de ondervraagde Limburgse gezinnen. Eerst en vooral moet opgemerkt worden dat slecht één vierde van de ondervraagde personen veranderd is van energieleverancier en dus drie vierde niet-switchers zijn. Er kwamen zowel gelijkenissen als grote verschillen tussen de verschillende onderzoeken aan het licht. Zo wordt prijs als enige belangrijke switchmotivator aangehaald door de Limburgse gezinnen. In de studies van Keaveney en de VREG daarentegen wordt de dienstverlening, en in mindere mate de prijs, aangeduid als oorzaak van switchgedrag. Uit het onderzoek bleek dat ongeveer drie vierde van de ondervraagde personen een positieve houding hebben ten opzichte van de vrijmaking van de energiemarkt en dat deze personen verhoudingsgewijs eerder switchers dan niet-switchers zijn. Zowel de respondenten die zich voldoende als onvoldoende geïnformeerd voelden over de vrijmaking van de energiemarkt, hadden een eerder positieve houding ten opzichte van de vrijmaking van de energiemarkt. Het zelf actief op zoek gaan naar informatie is niet significant verschillend voor switchers of niet-switchers. Wat een verschil in profiel betreft tussen de groep switchers en niet-switchers kwam naar boven dat wel de leeftijd een invloed heeft, maar dat in opleiding en professionele activiteit weinig tot geen onderscheid te maken is. Het grootst aantal switchers bevindt zich in de leeftijdscategorie tussen 40-50 jaar, maar verhoudingsgewijs switchen vooral de personen vanaf 60 jaar.-
dc.format.extent1101366 bytes-
dc.format.mimetypeapplication/pdf-
dc.language.isoen-
dc.titleSwitchgedrag van Limburgse gezinnen in de vrijgemaakte energiemarkt-
dc.typeTheses and Dissertations-
local.format.pages163-
local.bibliographicCitation.jcatT2-
local.type.specifiedMaster thesis-
dc.bibliographicCitation.oldjcat-
item.fulltextWith Fulltext-
item.accessRightsOpen Access-
item.fullcitationCOENEN, Karolien (2006) Switchgedrag van Limburgse gezinnen in de vrijgemaakte energiemarkt.-
Appears in Collections:Master theses
Files in This Item:
File Description SizeFormat 
coenen_karolien.pdf1.08 MBAdobe PDFView/Open
Show simple item record

Page view(s)

12
checked on Jun 24, 2022

Download(s)

2
checked on Jun 24, 2022

Google ScholarTM

Check


Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.