Please use this identifier to cite or link to this item: http://hdl.handle.net/1942/2223
Title: Goodwill en fusies in het kader van IFRS 3
Authors: SCHURGERS, Jo
Advisors: MERCKEN, R.
Issue Date: 2007
Publisher: UHasselt
Abstract: Deze eindverhandeling onderzoekt de impact van de International Financial Reporting Standards op de verwerking van goodwill in het kader van bedrijfscombinaties bij Belgische beursgenoteerde ondernemingen. Het werkstuk bestaat uit een literatuurstudie die de theorie omtrent de nieuwe standaarden voor financiële verslaggeving schetst, en een empirisch gedeelte waarin jaarcijfers onderzocht en verwerkt worden. Het eerste hoofdstuk werpt een licht op het praktijkprobleem. De centrale onderzoeksvraag en haar deelvragen moeten uiteindelijk een antwoord geven op deze probleemstelling. De verdere aanpak wordt nader toegelicht in de onderzoeksopzet. In de hoofdstukken twee tot en met vijf wordt de literatuurstudie uitgewerkt. Deze vier hoofdstukken bieden een theoretische achtergrond voor het behandelen en verwerken van goodwill verworven in een bedrijfscombinatie onder de nieuwe Europese boekhoudnormen. Allereerst schrijft IFRS 1 voor dat Belgische beursgenoteerde ondernemingen vanaf boekjaar 2005 verplicht zijn om hun geconsolideerde jaarrekening op te stellen conform de nieuwe standaarden voor financiële verslaggeving zoals uitgevaardigd door de International Accounting Standards Board. Voorts dienen alle bedrijfscombinaties verwerkt te worden volgens de overnamemethode, waarbij de aankoopprijs van de overname zoveel mogelijk moet worden toegewezen aan identificeerbare actief- en passiefbestanddelen tegen reële waarde. De fusiemethode oftewel het louter samensmelten van balansen is niet meer toegelaten. De grootste aanpassing bestaat erin dat goodwill onder IFRS 3 niet langer wordt afgeschreven, maar minstens éénmaal per jaar wordt onderworpen aan een test op bijzondere waardeverminderingsverliezen. De jaarlijkse amortisatie op goodwill was onder Belgian GAAP voor vele ondernemingen een grote last, men kan verwachten dat het wegvallen van deze afschrijvingskost een positieve invloed heeft op het gerapporteerde groepsresultaat. Tegenover een positieve impact op het resultaat staat echter het gevaar van een bijzondere waardevermindering, deze last geeft immers een sterk signaal naar de buitenwereld dat een afdeling slecht presteert. De herziene standaard IAS 36 bepaalt hoe goodwill moet worden toegewezen aan kasstroomgenererende eenheden en vervolgens een impairment test ondergaat. Verder zien we dat goodwill en andere immateriële actiefbestanddelen in onze huidige kenniseconomie een steeds grotere rol gaan spelen bij de waardering van vennootschappen. Vroeger bestond het economische landschap voornamelijk uit productiebedrijven, vandaag zien we een steeds toenemend belang van kennis- en dienstenondernemingen. De herziene standaard IAS 38 geeft de gebruiker richtlijnen met betrekking tot het erkennen en het boeken van immateriële activa. In hoofdstukken zes tot en met negen wordt aan de hand van de jaarverslagen van het boekjaar 2005 van Belgische beursgenoteerde ondernemingen het empirische onderzoek uitgewerkt. Elke vennootschap is verplicht bij de omschakeling van Belgische naar Europese boekhoudnormen een reconversienota te publiceren waarin de impact van de overgang op het gerapporteerde resultaat staat beschreven. Het praktijkonderzoek geeft aan dat het wegvallen van de goodwillafschrijving onder de nieuwe standaarden voor financiële verslaggeving een positieve invloed heeft op het groepsresultaat van de betrokken ondernemingen. Verder zien we ook dat vennootschappen met relatief veel goodwill op hun balans deze positieve impact sterker ervaren dan de bedrijven relatief met weinig goodwill. Analisten en specialisten nuanceren deze resultaten enigszins in de afgenomen interviews en ingevulde vragenlijst. Allereerst kijken deskundigen vooral naar kasstromen, en goodwill brengt geen verandering in de kasmiddelen teweeg. Vervolgens schept een waardevermindering op goodwill een negatief beeld rond een afdeling, een risico dat zeker niet onderschat mag worden. Omdat onder de nieuwe standaarden voor financiële verslaggeving meer goodwill op de balans blijft staan, daalt de Return On Capital Employed. Deze parameter die gebruikt wordt om vennootschappen te waarderen, kent een daling in de verhouding tussen het resultaat en het ingezette vermogen. Het positieve effect van de weggevallen goodwillamortisatie op het groepsresultaat wordt dus enigszins afgezwakt door het risico op waardeverminderingen en een lagere ondernemingswaarde.
Notes: 2de licentie TEW - major Accountancy en Financiering
Document URI: http://hdl.handle.net/1942/2223
Category: T2
Type: Theses and Dissertations
Appears in Collections:Master theses

Files in This Item:
File Description SizeFormat 
schurgers.pdf1.32 MBAdobe PDFView/Open
Show full item record

Page view(s)

10
checked on May 26, 2022

Download(s)

8
checked on May 26, 2022

Google ScholarTM

Check


Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.