Please use this identifier to cite or link to this item: http://hdl.handle.net/1942/48192
Title: GwH 27 januari 1994, nr. 9/94, corrigerende ongelijkheden
Authors: FOUBERT, Petra 
VANCLEEF, Sara 
Issue Date: 2025
Publisher: die Keure/Anthemis
Source: LAVRYSEN, Luc; NIHOUL, Pierre; RENAULD, Bernadette; THEUNIS, Jan (Ed.). 40 ans de jurisprudence de la Cour constitutionnelle/40 jaar rechtspraak van het Grondwettelijk Hof, die Keure/Anthemis, p. 117 -139
Abstract: GwH 27 januari 1994, nr. 9/94: Corrigerende ongelijkheden Petra Foubert, Decaan en Gewoon Hoogleraar, Faculteit Rechten UHasselt Sara Vancleef, Postdoctoraal onderzoeker, Faculteit Rechten UHasselt Inleiding 1. De vraag of positieve actie gerechtvaardigd is, is wellicht een van de meest controversiële vragen uit het discriminatierecht. 1 Jarenlang probeerden we wetgevers, rechters en het brede publiek te overtuigen dat het moreel onjuist is om voordelen of rechten te verlenen op basis van persoonlijke kenmerken zoals etnische origine, geslacht of handicap. Hoe kunnen positieve acties dan verenigbaar zijn met het gelijkheidsbeginsel? Want dat is precies wat positieve actie doet: rechten en voordelen verlenen op basis van persoonlijke kenmerken. 2 Het zijn maatregelen en programma's die verder gaan dan het louter bestrijden van discriminatie. Ze streven op een proactieve manier naar een betere integratie van ondervertegenwoordigde of benadeelde groepen in belangrijke maatschappelijke domeinen. 3 2. Al in 1994 gaf het Belgische Grondwettelijk Hof een kort en bondig antwoord op de vraag of positieve actie de toets aan het gelijkheidsbeginsel doorstaat. Het Hof oordeelde dat 'corrigerende ongelijkheden' (zoals het toen naar 'positieve actie' verwees) onder vier voorwaarden verenigbaar zijn met het grondwettelijk beginsel van gelijkheid en niet-discriminatie. Deze voorwaarden werden later gecodificeerd in de Belgische anti-discriminatiewetgeving, en vormen het spiegelbeeld van de klassieke toets aan het gelijkheidsbeginsel. 3. Terwijl positieve actie ook voorkomt in andere rechtsstelsels, is het opvallend dat het standpunt van de hoogste rechtscolleges daar vaak minder duidelijk en standvastig is. Hoe dan ook zijn er doorheen de tijd ook vragen en bedenkingen ontstaan over de positieve-actiebenadering van het Belgische Grondwettelijk Hof, vragen en bedenkingen die deze bijdrage graag identificeert en verkent. Afdeling 1. Arrest nr. 9/94 over corrigerende ongelijkheden 4. Bij vonnis van 25 mei 1993 stelde de arbeidsrechtbank van Verviers een prejudiciële vraag aan het toenmalige Arbitragehof. Deze vraag had betrekking op de wet van 1 april 1969 tot instelling van een gewaarborgd inkomen voor bejaarden. 4 Een dergelijk gewaarborgd inkomen beoogde in een vangnet te voorzien voor bejaarden wiens bestaansmiddelen lager
Document URI: http://hdl.handle.net/1942/48192
ISBN: 978-2-8072-1594-8
Category: B2
Type: Book Section
Appears in Collections:Research publications

Show full item record

Google ScholarTM

Check

Altmetric


Items in DSpace are protected by copyright, with all rights reserved, unless otherwise indicated.